Veelgestelde vragen

U bent hierHomeVeelgestelde vragen

Resultaten

De bekleding van autostoelen bevat stoffen die zijn geplaatst op de kandidaatslijst. De concentratie is meer dan 0,1 % (w/w) van de autostoel maar minder dan 0,1 % (w/w) van de auto zelf. Moet de importeur deze stoffen nu melden bij het ECHA?

Ja, indien de totale invoer van de stof die het betreft meer dan één ton per jaar is, bestaat inderdaad te verplichting om dit te melden bij ECHA.

Een auto, maar ook zaken als een fiets of een nietmachine, zijn ‘complexe objecten’, zoals beschreven wordt in het richtsnoer over vereisten voor stoffen in voorwerpen . Een complex object is een product dat van meerdere voorwerpen is gemaakt. De manier waarop deze voorwerpen zijn samengevoegd, kan verschillen. Dit kan bijvoorbeeld mechanisch zijn, bijvoorbeeld met behulp van een schroef –op zichzelf ook weer een voorwerp – of door gebruik te maken van een mengsel of stof, zoals lijm. Uit hoe meer voorwerpen een product is opgebouwd, hoe complexer het object is.                             

Voor elk voorwerp in een complex object geldt de meldingsplicht zodra u meer dan één ton van de stof van de kandidaatslijst per jaar importeert in één of meerdere voorwerpen. Bij het voorbeeld uit de vraag – een autostoel – zou dus ook nog een onderverdeling gemaakt kunnen worden naar de verschillende voorwerpen (lees: onderdelen) waaruit deze autostoel opgebouwd is.  

Moet ik alle stoffen in voorwerpen melden bij het ECHA?

Nee, een producent of importeur moet alleen die stoffen melden bij ECHA die zeer zorgwekkend zijn en als gevolg daarvan op de kandidaatslijst voor autorisatie (externe link) zijn geplaatst. De meldingsplicht geldt als:

  • Het marktvolume van de stof meer dan 1 ton/jaar per importeur is en,
  • De concentratie van de stof in het voorwerp meer dan 0,1 gewichtsprocent (1 g stof/kg voorwerp) is. Het gaat hierbij om de hoeveelheid van de stof berekend per voorwerp waaruit een product is samengesteld. Bij een elektriciteitskabel zijn dit bijvoorbeeld de buitenmantel van kunststof, de binnenmantel van kunstof, de koperdraad en eventuele vulling tussen deze onderdelen. Per onderdeel – dat elk wordt gezien als voorwerp – moet bepaald worden of de grens van 0,1 gewichtsprocent wordt overschreden.

De meldingsplicht is op 1 juni 2011 ingegaan. Het bedrijf moet de stof melden binnen zes maanden nadat deze op de kandidaatlijst (externe link) (externe link)voor autorisatieplichtige stoffen staat.

Maar als aan één van de volgende voorwaarden wordt voldaan, dan hoeft de stof niet te worden gemeld:

  • De fabrikant/importeur kan blootstelling van mens of milieu aan de stof bij normale of redelijkerwijs te voorziene gebruiksomstandigheden -inclusief verwijdering - uitsluiten Dat betekent dat kan worden aangetoond dat tijdens de volledige levensyclus van het voorwerp en in het afvalstadium er geen blootstelling aan de stof plaatsvindt
  • Het gebruik van de stof in het voorwerp is al door een ander bedrijf geregistreerd.
  • De voorwerpen zijn alleen vervaardigd en/of ingevoerd door de fabrikant/importeur, voordat de stof op de kandidaatslijst met stoffen voor autorisatie werd opgenomen.

Moet ik stoffen in voorwerpen registreren?

Producenten of importeurs van voorwerpen zijn volgens artikel 7, lid 1 van REACH verplicht stoffen in voorwerpen te registreren als:

  • De stof bij normaal gebruik bedoeld is om vrij te komen (zie vraag 4) en,
  • De totale hoeveelheid van de stof in de voorwerpen meer is dan 1 ton per producent/importeur per jaar, en
  • De stof nog niet voor dat specifieke gebruik is geregistreerd 

Wij importeren huisraad uit China. In sommige gevallen bevat dit DEHP. DEHP staat op de kandidatenlijst en op de autorisatielijst. Zijn wij in overtreding?

Binnen REACH heeft uw bedrijf de rol van importeur van voorwerpen. DEHP (Di(2-ethylhexyl)phthalate) is opgenomen op de kandidatenlijst van zeer zorgwekkende stoffen (SVHC’s), alsook op de autorisatielijst (bijlage XIV, REACH). Deze lijsten leggen verschillende verplichtingen op aan bedrijven.
Ten aanzien van de kandidatenlijst hebben importeurs en alle verdere leveranciers van voorwerpen, die gevestigd zijn in de EU de verplichting om hun afnemers voldoende informatie te geven over de aanwezigheid van de stof (tenminste de naam ervan) om een veilig gebruik mogelijk te maken. Dit geldt als de stof in het artikel een concentratie heeft van meer dan 0,1% (w/w). (Art. 33)

Nadat een stof is opgenomen op de kandidatenlijst moeten bedrijfsmatige klanten bij levering van het voorwerp worden geïnformeerd over de aanwezigheid van de stof indien voornoemde concentratie wordt overschreden. Consumenten moeten binnen 45 dagen na een verzoek daartoe worden geïnformeerd over de aanwezigheid van de stof (art. 31, lid 2).

De importeur of Europese producent is tevens verplicht om de aanwezigheid van SVHC-stoffen aan ECHA te melden indien voornoemde concentratie in voorwerpen wordt overschreden en de stof tevens in deze voorwerpen aanwezig is in hoeveelheden van totaal meer dan 1 ton per producent of importeur per jaar.
Dit hoeft overigens niet als de stof al is geregistreerd voor dat het gebruik of als blootstelling aan de mens of het milieu kan worden uitgesloten bij normale of redelijkerwijs te verwachten gebruiksomstandigheden (Art. 7 (2)). De melding aan ECHA moet niet later dan 6 maanden na opname van een stof op de kandidatenlijst worden gedaan.

Een aantal lidstaten interpreteren deze concentratiedrempel echter anders. Zij gaan ervan uit dat een voorwerp dat opgaat in een groter geheel een voorwerp blijft (eens een voorwerp, altijd een voorwerp). Dit geldt voor Denemarken, Duitsland, Frankrijk, België , Zweden, Oostenrijk en Noorwegen. Zij hebben hun handhaving hierop aangepast. U kunt dit nalezen in de ‘Note to the reader’ van de ‘Guidance on requirements for substances in articles’ op de ECHA website. Deze lidstaten hebben een eigen guidance ontwikkeld.

De meest recente kandidatenlijst staat op de website van ECHA.

Zodra een stof is opgenomen op bijlage XIV, de autorisatielijst, wordt er een 'sunset date' opgenomen. Na die datum mag de stof niet meer gebruikt worden in de EU zonder toestemming (autorisatie). Dit is echter niet van toepassing op geïmporteerde voorwerpen. De autorisatielijst vindt u op de website van ECHA.

Houdt u er rekening mee dat veel stoffen zoals DEHP ook zijn opgenomen in de lijst van beperkingen. Beperkingen, ook wel verbodsbepalingen, zijn opgenomen in REACH bijlage XVII (zie voor DEHP Entry 51a). DEHP is ook een CMR-stof. Daarom zijn ook de entries 28-30 van belang.

Momenteel zijn er ontwikkelingen binnen de Europese RoHS-richtlijn om DEHP en andere weekmakers in de toekomst mogelijk ook te verbieden in elektrische en elektronische apparatuur.

Wat moet ik doen als ik een voorwerp heb met stoffen die op de kandidaatslijst voor autorisatie zijn geplaatst?

Als het voorwerp stoffen bevat die voorkomen op de kandidaatslijst van autorisatieplichtige stoffen (externe link), dan geldt voor de importeur van deze stoffen onder voorwaarden een meldingsplicht (art. 7, lid 2) en een informatieplicht (art.33, lid1).

Meldingsplicht
De importeur of producent van de voorwerpen moet de stoffen op de kandidaatslijst van autorisatieplichtige stoffen melden aan het ECHA als:

  • Het marktvolume van de stof meer dan 1 ton/jaar per importeur is en
  • De concentratie van de stof in het voorwerp meer dan 0,1 gewichtsprocent (1 g stof/kg voorwerp) is. Het gaat hierbij om de hoeveelheid van de stof berekend per voorwerp waaruit een product is samengesteld. Bij een schaar met een kunststof handvat moet bijvoorbeeld gekeken worden of er in het handvat stoffen van de kandidaatslijst aanwezig zijn in een gehalte van >0,1 gewichtsprocent en ook hoe dit is voor de twee messen en een eventuele schroef. Elk voorwerp – of onderdeel -  in het product moet dus apart bekeken worden.

Bij iedere update van de kandidaatslijst met een nieuwe stof, geldt de nieuwe datum als moment waarop de meldingsverplichting ingaat voor de voorwerpen die vanaf dat moment ingevoerd of geproduceerd worden, met inachtneming van de termijn van maximaal zes maanden tussen het in de handel brengen en de melding bij ECHA.

Informatieplicht
Er geldt een informatieplicht vanaf het moment dat een zeer zorgwekkende stof op de kandidaatslijst van autorisatieplichtige stoffen is geplaatst én het gehalte van de stof in het voorwerp meer is dan 0,1 gewichtsprocent. Om te voldoen aan de informatieplicht moeten leveranciers van voorwerpen waarin deze stoffen voorkomen:

  • Hun afnemers informatie geven over de stof (ten minste de naam van de stof) om een veilig gebruik van het voorwerp mogelijk te maken.
  • Op hun verzoek binnen 45 dagen voldoende informatie aan de consument geven om een veilig gebruik van de stof mogelijk te maken waaronder ten minste de naam van de stof (art. 31, lid 2).
  • De informatieplicht geldt voor elk bedrijf dat voorwerpen aan derden levert.

Het ECHA kan alsnog besluiten dat registratie van de stof(fen) in de voorwerpen noodzakelijk is, als blijkt dat de stof vrijkomt uit de voorwerpen en dit een risico oplevert voor mens of milieu (art. 7 lid 5).

Kan een Only Representative de melding doen van stoffen in voorwerpen voor haar niet in de EU gevestigde fabrikant en daarmee de individuele importeurs in de EER lidstaten ontlasten van deze verplichting?

Ja, op grond van artikel 8 tweede lid van de REACH verordening moet een Only Representative (OR) aan alle verplichtingen voor importeurs voldoen, en daarmee ook aan de meldingsplicht. De OR moet wel als zodanig zijn aangewezen door de niet-EU fabrikant.

In artikel 7, lid 6 staat dat registratie en/of melding van stoffen in voorwerpen niet van toepassing is voor stoffen die al voor dat gebruik zijn geregistreerd. Gaat het hierbij om stoffen in dezelfde toeleveringsketen of mag dit ook een andere toeleveri

Deze vrijstelling van de registratie is onafhankelijk van de toeleveringsketen waarbinnen de registratie was gedaan.

Moet ik alle hoeveelheden van eenzelfde stof in verschillende voorwerpen bij elkaar optellen om te bepalen of ik meer dan 1 ton van die stof importeer?

Alle hoeveelheden van een stof die bedoeld is om vrij te komen moeten worden opgeteld. Enerzijds betekent dit dat voor een stof zowel de hoeveelheden die bedoeld zijn om vrij te komen als de hoeveelheden die niet bedoeld zijn om vrij te komen moeten worden opgeteld. Anderzijds betekent dit ook dat indien een stof bedoeld is om vrij te komen uit verschillende voorwerpen, alle hoeveelheden in die voorwerpen bij elkaar moeten worden opgeteld (zie voorbeeld). Ook voor de meldingsplicht (art 7 lid 2) moeten de hoeveelheden van eenzelfde stof in verschillende voorwerpen bij elkaar worden opgeteld.

De hoeveelheden van dezelfde stof in mengsels moet echter niet hierbij worden opgeteld omdat deze vallen onder de registratieverplichting van art. 6 uit REACH.

Voorbeeld: Een bedrijf X importeert drie voorwerpen (A, B en C). In die voorwerpen is een bepaalde hoeveelheid van stof X aanwezig. Bij voorwerp A is de stof niet bedoeld om vrij te komen. Bij voorwerp B en C is een deel van de stof bedoeld om vrij te komen. De hoeveelheden zijn gegeven in onderstaande tabel.

Voorwerp Hoeveelheid van stof X aanwezig in voorwerp (ton) Hoeveelheid van stof X bedoeld om vrij te komen uit voorwerp (ton) Hoeveelheid van stof X die registratieplichtig is (ton)
A 60 Niet 0
B 60 40 60
C 60 10 60

120 ton registratieplichtig (hoeveelheid van stof X in voorwerp B en voorwerp C samen).

In bovenstaand voorbeeld is (de totale hoeveelheid van) stof X in voorwerp A niet registratieplichtig omdat de stof niet bedoeld is om vrij te komen. Bij voorwerp B en C is de totale hoeveelheid van stof X registratieplichtig ook al is maar een deel van de stof bedoeld om vrij te komen.

Wanneer is sprake van een voorwerp of container?

Veel voorwerpen die met opzet stoffen afgeven worden onder REACH gezien als stoffen of mengsels in containers. De stof als zodanig of in het mengsel in de container kan dan nog wel registratieplichtig zijn. Voorbeelden zijn inkt in een stift, toner in tonercartidge, verf in een spuitbus. De "Guidance on substances in Articles" ( richtsnoer voor stoffen in voorwerpen bevat criteria om te bepalen of sprake is van een voorwerp of een container. 

Ik heb een voorwerp met stoffen die bedoeld zijn om vrij te komen. Wat moet ik doen?

Als het voorwerp stoffen bevat die bedoeld zijn om bij normaal gebruik vrij te komen, dan kan voor die stoffen een registratieplicht gelden. Voorwaarde hiervoor is dat deze stof nog niet is geregistreerd voor dat gebruik én dat de stof in die voorwerpen aanwezig is in hoeveelheden van meer dan 1 ton per jaar per importeur. Als dat het geval is, geldt voor de stof(fen) in het voorwerp een registratieplicht. Deze stof(fen) moesten uiterlijk 1 december 2008 worden gepreregistreerd om gebruik te kunnen maken van de overgangstermijnen voor registratie genoemd in artikel 23 van REACH.

Fabrikanten en importeurs die voor het eerst in hoeveelheden van 1 ton of meer per jaar vervaardigen of invoeren kunnen indien voldaan wordt aan de voorwaarden van artikel 28 lid 6 een verlate preregistratie indienen om gebruik te kunnen maken van de overgangstermijnen voor registratie. Voldoet u niet aan de voorwaarden dan moet u direct registeren. Het direct registeren begint met een informatieverzoek (inquiry) aan ECHA.

Welk gegevens moet ik bij de melding van een stof verwerkt in een voorwerp overleggen?

Volgens artikel 7 lid 4 van de REACH verordening  moet een bedrijf bij de melding de volgende gegevens overleggen:

  • Identiteitsgegevens van de producent of importeur van de voorwerpen
  • Identiteit van de stof(fen) en indien beschikbaar de registratienummers
  • De indeling en etikettering van de stof(fen)
  • Een beschrijving van het gebruik van de stof(fen) in het voorwerp en de vormen van gebruik van het voorwerp of de voorwerpen.
  • De hoeveelheidsklasse van de stof(fen) 

Wat is bedoeld vrijkomen?

Er is sprake van ‘bedoeld vrijkomen' als het vrijkomen essentieel is voor het eindgebruik van het voorwerp of als het vrijkomen van de stof een waarde toevoegt aan het voorwerp. De stof is dus in het voorwerp opgenomen met doel om tijdens het gebruik vrij te komen.
Het gaat bijvoorbeelden om parfum in geparfumeerde gummetjes of geparfumeerde doekjes.

Moet ik voorwerpen registreren?

Nee, voor voorwerpen geldt geen registratieplicht. Mogelijk geldt wel een registratieplicht als u stoffen in voorwerpen invoert van buiten de Europese Unie. Zie voor een toelichting vraag 3.

Wat betekent het als een voorwerp stoffen bevat waarvan het gebruik aan voorwaarden verbonden is op grond van bijlage XVII van REACH?

Op grond van art. 67 kunnen aan het gebruik van een stof in een voorwerp beperkingen voor het gebruik (restricties) zijn opgenomen. Deze restricties staan in bijlage XVII van REACH. Deze bijlage XVII bevat de stoffen die opgenomen zijn in de Verbodsrichtlijn (76/769/EC). De Stoffenverbodsrichtlijn is sinds 1 juni 2009 komen te vervallen. Vanaf dat moment geldt bijlage XVII van REACH. 

Wat is een voorwerp?

Volgens de definities van REACH is een voorwerp een object waaraan tijdens de productie een speciale vorm, oppervlak of patroon wordt gegeven waardoor zijn functie in hogere mate wordt bepaald dan door de chemische samenstelling. Voorbeelden van een voorwerp zijn een telefoon, een bloemenvaas. De Guidance on substances in Articles (ofwel richtsnoer voor stoffen in voorwerpen) beschrijft een aantal voorbeelden van stoffen/ mengsels (preparaten) versus voorwerpen. De REACH-Helpdesk doet geen uitspraken of een bepaald product een voorwerp dan wel een mengsel is. De beslissing of iets een voorwerp is, is de verantwoordelijkheid van het bedrijf dat het voorwerp produceert of importeert.